dinsdag 25 oktober 2011

Verzekeringen en ‘onjuiste’ schadeaangifte…

Opzegging van alle lopende verzekeringsovereenkomsten na frauduleus handelen ver­zekeringnemer

Wanneer we een verzekering afsluiten, ongeacht waarvoor, zal de assurantietussenpersoon (of dat nu een bankinstelling of een zelfstandig operend iemand is) ons er op moeten wijzen dat er voorwaarden zijn. Voorwaarden waar de verzekeraar zich aan te houden heeft, echter ook voorwaarden waaraan de verzekerde zich heeft te houden. Over het algemeen vinden we dat normaal, met als gevolg dat de voorwaarden zoals die in de polis, die naderhand komt, staan niet of nauwelijks worden gelezen. Van de mogelijkheid om deze voorwaarden vóór het afsluiten van de verzekering te lezen wordt nog steeds weinig gebruik gemaakt. Onverstandig, er wordt naderhand namelijk van uitgegaan dat men ten tijde van het afsluiten van de verzekering op de hoogte is van deze voorwaarden!

Een van de voorwaarden is dat een verzekerde in geval van schade een eerlijke opgave van de schade en over de wijze waarop deze is ontstaan, doet. Kleine schaden die niet zijn gebeurd claimen en of een schadebedrag ophogen wordt aangemerkt als frauduleus handelen. Deze kunnen tot gevolg hebben dat de verzekering nietig wordt verklaard, ja soms zelfs met terugwerkende kracht wordt beëindigd, veelal zonder premierestitutie.

Tot voor kort werd er van uitgegaan dat alleen de verzekering waarbij frauduleus werd gehandeld, beëindigd zou worden. Verzekeraars hebben al jaren gezegd dat het in sommige situaties anders zou moeten: als een verzekerde frauduleus handelt, is hij niet meer te vertrouwen; de vertrouwensband tussen verzekeraar en verzekerde zou verbroken moeten worden én als bijkomend gevolg zou eigenlijk moeten gelden dat omdat de verzekerde niet meer is te vertrouwen, alle verzekeringen in feite beëindigd moeten worden.

De verzekeraars zijn min of meer op hun wenken bediend…  Het Gerechtshof Leeuwarden heeft onlangs een arrest gewezen in een zaak waarin de verzekeringnemer bij melding van een schade fraude heeft gepleegd. De zaak gaat in het bijzonder over de gevolgen die de verzekeraar aan frauduleus handelen van de verzekeringnemer kan verbinden. Mag de verzekeraar alle lopende verzekeringen opzeggen, ook al is de fraude gepleegd in het kader van één verzekering? En kan het geringe bedrag waarvoor fraude is gepleegd nog een rol spelen bij de vraag of de verzekeraar mag opzeggen? De polisvoorwaarden gaven de verzekeraar de bevoegdheid alle verzeke­ringsovereenkomsten tussen haar en de verzekeringnemer te beëindigen in geval van fraude van de verzekeringnemer of de verzekerde. Volgens het gerechtshof kan de verzekeraar alleen dan géén gebruik maken van deze bevoegdheid, wanneer dat naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid voor de verzekerde tot een onaanvaardbaar resultaat leidt. Daarbij was er volgens het hof geen sprake van een onaanvaardbaar resultaat. In dit verband acht het hof het van doorslaggevend belang dat een verzekeraar moet kunnen vertrouwen op de juistheid van de gegevens die hem door de verzekering­nemer en/of de verzekerde worden verstrekt. Het feit dat de fraude slechts een gering bedrag betrof (€ 684) doet volgens het hof niets af aan het feit dat ook fraude van een dergelijke omvang het vertrouwen van de verzekeraar dusdanig kan aantasten dat voortzetting van de verzekeringsovereenkomsten niet langer gevergd kan worden. 
Het arrest is zowel voor verzekeraars als voor verzekering­nemers interessant. Verzekeringnemers moeten dus bedacht zijn op vergaande gevolgen indien zij fraude plegen bij de schademelding. Verzekeraars weten zich door dit arrest gesterkt in hun bevoegdheid - indien overeengekomen - dat opzegging van alle lopende overeen­komsten in geval van fraude in beginsel geoorloofd is.  Eerlijk handelen werpt ook hier dus vruchten af!

Geen opmerkingen: